Hoe onze donkere trap in Thamerdal een lichtontwerp kreeg

Op dit blog laat ik meestal kussens, kleurstalen en tweedehands vondsten zien. Deze keer gaat het over iets waar ik twee jaar lang elke avond letterlijk overheen stapte. Onze trap. We wonen in een rijtjeshuis uit de jaren zeventig in Thamerdal, in Uithoorn, en de trap loopt daar als een donkere koker van de gang naar de overloop. Eén plafondlamp boven, een schakelaar beneden die half achter de kapstok zat, en een loper waar mijn dochter in maart bijna over struikelde met een volle wasmand in haar armen.

Van moodboard naar muur

Mijn moodboard was snel klaar. Ik wilde licht dat uit de trap zelf leek te komen, laag en warm, zodat je ’s nachts naar beneden kunt zonder het hele huis wakker te schijnen. Op foto’s van strakke, lichte interieurs zag ik het overal terug, een smalle lichtlijn onder elke trede of kleine spotjes in de wand op enkelhoogte. Wat die foto’s niet laten zien is waar de stroom vandaan komt. Onze trap zit aan de ene kant tegen een stenen binnenmuur en aan de andere kant tegen een gipswand, en in geen van beide zat ook maar één draad.

Na wat potloodschetsen op een printje van de plattegrond belde ik Elektricien Uithoorn, omdat ik wilde weten of mijn idee kon voordat ik er verliefd op werd. Achteraf de beste volgorde.

Wat er achter de lichtlijn zit

De monteur kwam op een regenachtige dinsdagochtend, liep de trap twee keer op en af en tikte met zijn knokkels op de gipswand. Zijn uitleg was een stuk nuchterder dan mijn moodboard. Ledstrips onder de treden werken op lage spanning, meestal 24 volt, en hebben dus een voeding nodig. Die voeding wordt warm en moet je later kunnen bereiken, dus niet dichtgetimmerd onder een trede. Hij stelde voor om hem in de trapkast te zetten, waar al een stopcontact voor de stofzuiger zat, en vanaf daar per trede een dun kabeltje door de trapwang te voeren.

De spotjes in de muur heb ik laten schieten. Daarvoor had de stenen wand opengeslepen moeten worden, met stof tot op de overloop. De gipswand hangt vol fotolijsten die ik wilde houden. Het werd dus alleen de lichtlijn, plus één nieuwe wandlamp halverwege de trap.

Schakelen zonder zoeken

Waar ik zelf nooit aan had gedacht, was de bediening. Als je boven het licht aandoet, wil je het beneden weer uit kunnen zetten. Dat heet een wisselschakeling en die hadden we dus niet. Er kwam een schakelaar bij de slaapkamerdeur en eentje beneden, nu op een plek waar geen jas meer voor hangt. Voor ’s nachts zit er een bewegingssensor bij die de treden op een lage stand laat oplichten en na een minuut weer dooft. Hij legde uit dat sensor, dimmer en voeding bij elkaar moeten passen, anders krijg je geknipper of een zacht gezoem.

De kleurtemperatuur werd 2700 kelvin, dezelfde als de rest van de benedenverdieping, zodat de trap niet ineens blauwig afsteekt tegen de gang. Een eerder bestelde strip van 4000 kelvin is retour gegaan.

Een paar maanden later

Het is nu half oktober. Om zeven uur is het al schemerig en de trap is het eerste wat je ziet als je de voordeur opendoet. Mijn dochter loopt ’s nachts op sokken naar beneden zonder één lamp aan te klikken. Het werk zelf duurde anderhalve dag, waarna ik de gipswand zelf in dezelfde zandkleur heb geschilderd.

Mijn tip voor iedereen die met zo’n plan rondloopt is simpel. Maak gerust je moodboard, maar laat het eerst bekijken door iemand die weet wat er achter de muur moet gebeuren. Van Elektricien Uithoorn kreeg ik een paar keer “kan, maar” te horen, en juist die maren hebben het ontwerp beter gemaakt. De kaarsen die ik altijd bij het Amstelplein haalde voor de gang, staan nu ongebruikt in de kast.

Tags:

Gerelateerde artikelen die u mogelijk interesseren